Home

Shadowdancer's reflecties

De ukkie verhalen
aantekeningen over de kinderen

De vakantieverhalen
Avonturen op vakantie

Priet en andere praat

Foto's

Contact

Naar de wereld der dromen

Zon en Maan

Zaterdag 20-07-2011: Németkér, Hongarije

De eerste keer dat we op vakantie gaan met de auto. Okee, niet helemaal de eerste keer, tenslotte zijn we twee jaar geleden ook al met de auto naar de Ardennen gegaan, maar dat was toen maar een 'kort' ritje, vijf of zes uur. Nee, dit jaar was het echte werk: dit was een rit van twee dagen.

Vijftienhonderd kilometer, was mijn schatting toen we dit huisje gingen boeken. 1485, volgens de routeplanner op de computer, toen Harald het opzocht. Ondanks mijn affiniteit met lettertjes kan ik in elk geval wel goed schatten.

"Dat is wel een lange rit, in de auto met twee kleine kinderen," zei ik weifelend tegen Harald. Om diezelfde reden had ik al eerder afhoudend gereageerd op een nieuwe vakantie in de Ardennen of een huisje in Oostenrijk.

Maar Hongarije, dat had iets, gewoon. Waarom weet ik niet. Omdat Rachel's naamgenoot, een oude vriendin die ik via een email-schrijfgroep heb leren kennen, daar vandaan komt? Omdat we er nog nooit geweest zijn, en in de Ardennen of in Oostenrijk wel?

Omdat het huisje dat we op het oog hadden het 'Hollandse Huis' heet? Misschien de combinatie wel, geen idee. 

"Ik heb alle vertrouwen in je," zei Harald.

Ik begon te lachen. "Da's fijn om te horen, vooral van degene zonder rijbewijs die alleen maar naast me hoeft te blijven zitten en zorgen dat ik niet in slaap val..."

We hebben het huis geboekt, ondanks de afstand, een hotel geboekt in Linz ("Want dat ligt ten slotte vlak bij Passau, en van daaruit is het dan nog maar vijfhonderd kilometer naar Németkér, dus een rustig dagje") en we besloten, geinspireerd door de herinnering aan mijn vakanties naar Italie van vroeger, midden in de nacht weg te gaan. Dan konden de kinderen in de auto nog wat slapen...

Om tien uur gingen we naar bed. En zoals te verwachten viel, zoals elk jaar - want ook als we naar Griekenland op vakantie gaan moeten we, in verband met inchecken, meestal zo rond die tijd op - lagen we nog een tijd te draaien en te woelen. Ook de meiden hadden moeite met in slaap te vallen, want toen Harald naar boven ging was Rachel nog klaar wakker, en toen ik een half uurtje later naar bed ging, was het Esther die wakker was. Beiden met buikpijn van de zenuwen. Aaitje, kusje, en in de kinderkamers werd het weer stil. Ergens tussen elf uur en half twaalf vielen wij eindelijk ook in slaap.

Om om twee uur weer wakker te worden. En ik denk dat we ergens allebei in ons achterhoofd hadden dat we nu niet meer echt in slaap wilden vallen, want dat we dan om drie uur wel erg duf uit ons bed zouden rollen. Om half drie gaf ik het op en ging naar beneden, om de laatste dingen klaar te zetten en nog een stapel boeken op m'n ipad te gooien.

Vijf minuten later kwam Harald naar beneden: hij had het ook maar opgegeven.

Om kwart over vier zaten we allemaal goed en wel in de volgepakte auto - en dat terwijl we het bakbeest van mijn moeder mochten lenen, in de Panda had onze bagage van z'n levensdagen niet gepast - en konden we aan de tocht beginnen.

Natuurlijk hadden de kleine dvd-spelertjes die we twee jaar geleden gekocht hadden voor de vakantie naar de Ardennen het begeven. Wat er mis mee is, geen idee, maar al stop je er honderd dvd's in, het kreng blijft zeggen "No disc" of blijft vrolijk zoeken en ratelen en kreunen. Dus geen dvd's om meisjes rustig mee te krijgen. De nintendo bleek een redelijk alternatief, zij het dat er daar maar een van is en we twee meisjes hebben. Probleem!

"Mamaaaaa! Ik mag niet op Rachel's nintendo!"

"Mama is aan het rijden, Esther. Vraag het maar aan papa."

"Papaaaaaaa! Ik mag niet op...."

"Hij *is* ook van Rachel, Esther."

"MAAAAAM! Esther duwt me!!"

"Mama is aan het *rijden*, Rachel."

"PAAAAAAP!"

"Esther, houd je handen thuis."

"Maar ik mag niet op Rachel's nintendo!"

En dit twee.... dagen.... lang.

Het werd nog even opgelost toen Esther met mijn ipod mocht, maar helaas, de batterij van dat ding is niet al te best meer en die is dus redelijk snel leeg.

"Willen jullie wat lezen, meisjes?"

"Nee."

"Mama, mag ik dan met je ipad?"

"Nee."

"Papa, mag ik dan..."

"NEE."

Na elke twee uur pauze. "Mama, mag ik een snoepje? Mama, mag ik een stroopwafel?"

"Eerst een boterham, Rachel."

De kinderen renden vrolijk rond om hun benen te strekken en even wat energie kwijt te kunnen. Wij slenterden ook even rond, aten en dronken wat en leegden onze blazen.

Linz bleek trouwens nog best een eind. Niet 'vlak bij Passau', maar er nog zo'n 100 kilometer vandaan. Ik bedoel, Harald kan best goed kaartlezen - zeker vergeleken met natuurtalenten zoals zijn vader, en de mijne - maar heeft soms nog steeds niet helemaal door dat afstanden op een wegenkaart niet helemaal hetzelfde zijn als afstanden op een wandelkaart. "Het leek op de kaart vlak bij," zei mijn lieve knuf toen we de laatste kilometers reden. Ja, kunst. Op de kaart lijkt Moskou ook vlakbij...

Tegen de tijd dat we er kwamen en het hotel vonden was het half zes. We hadden er, de pauzes niet meegeteld, veertien uur in en rond de auto doorgebracht. En ik was zo gaar als een pakje boter.

We sleepten de spullen naar binnen en moesten toen nog wat te eten regelen. Het hotel wat Harald gevonden had was een soort jeugdherberg, en deze had 's avonds geen maaltijden, alleen ontbijt. En na drie uur slaap, veertien uur snelweg en heel, heel veel groningse worst en cola hadden we toch wel trek in wat stevigers.

We hadden de keuze tussen wat restaurants een beetje in de buurt of laten opbellen naar een bezorgdienst. Ik was dood en doodmoe en had eigenlijk helemaal geen zin om nog naar een restaurant te gaan, dus bezorgen leek ons eigenlijk wel een prima idee. Het duurde alleen nog ruim een half uur voordat het er was...

Terwijl de kinderen in de zitzaal rondrenden en speelden, hield ik mijn ogen met moeite open terwijl we op ons eten wachtten. Uiteindelijk kwam het: halflauwe, slappe frietjes, voor de kinderen wat kipnuggets, voor Harald een soort pitabroodje met vlees en kaas en voor mij een platgeslagen wiener schnitzel - ik had eigenlijk een cordon bleu gevraagd, maar Harald was ook niet meer de helderste en heeft dus maar de platgeslagen schnitzel besteld.

Ach, omdat wij ook slap en lauw waren, werkten we het snelvoedsel zonder klagen naar binnen, gooiden de schamele overblijfselen weg en gingen weer naar boven. Tegen alle verwachting in vond Esther de appelsap met bubbeltjes trouwens geweldig - ze noemt het 'kinderbier' en is er helemaal mee in haar sas.

Eenmaal boven hebben we ons uitgekleed, de kinderen hebben nog even een tekenfilmpje gekeken, Harald en ik hebben nog even gelezen en toen zijn we als vier blokken in slaap gevallen.

Na de volgende ochtend te hebben ontbeten en nog een paar snelle boodschappen te hebben gedaan zijn we weer gaan rijden. Die 'korte afstand' van vandaag bleek toch nog tegen te vallen, al was het maar omdat de kinderen schenen te denken dat toen we eenmaal over de grens van Hongarije waren, we er elk moment konden zijn. Ook kwamen we rond Boedapest in wat waarschijnlijk de enige file van het land was, die dag (het was overigens zwarte zaterdag in Duitsland, dus al die file's hebben we heerlijk gemist!) en dat hielp ons humeur ook al niet.

Maar tot onze grote verrassing en vreugde bleek het dorpje Németkér zelfs vanaf de snelweg al aangeven te staan, dus ondanks het feit dat Thea's 'tante marie' de kaart van Hongarije dus niet had, konden we eigenlijk moeiteloos het dorp, de straat, het huis vinden. De beheerder, die waarschijnlijk al aan het uitkijken was naar een nederlands nummerbord, kwam al naar buiten nog voordat we goed en wel de auto hadden neergezet en verwelkomde ons. Zijn vrouw ook, even later, met een heerlijk stuk pruimengebak. Zou me niets verbazen als dat zelfgebakken was, met pruimen uit eigen tuin, want in deze tuin staat een aantal pruimenbomen en inderdaad, het is pruimentijd!

We hebben ons geinstalleerd, gegeten, de kinderen hebben genoten van de schommel en de trampoline en gingen daarna naar bed. Harald en ik maakten nog een een korte wandeling over het paadje dat langs de achtertuinen loopt.

Wat een ding betreft lijkt Hongarije wel op Griekenland. Honden zijn hier eerder waakhonden dan speelkameraadjes, en de plaatselijke hondenpopulatie reageerde behoorlijk zenuwachtig op onze aanwezigheid. We zagen een stel bijenkasten aan de rand van het bos achter ons huis en liepen erheen, en de twee honden in de tuin die daar het dichtst bij lag gingen bijna berserk. Twee andere honden uit de buurtuin begonnen vrolijk mee te doen, de honden daarnaast dus ook, en een zwabberhond die uit een andere tuin gekropen was deed ook zijn duit in het zakje.

We moesten er een beetje om lachen. Die herders, ja, die waren nog wel indrukwekkend, maar die zwabber, nee. Stok eraan vast, emmer water, en het ding was nog wel bruikbaar als mop. Toen we weer terugwandelden en zijn kant op liepen schoot hij dan ook weer snel onder het hek door, naar zijn eigen tuin.

Veilig van achter zijn eigen hek bleef de zwabber nog even naar ons blaffen. Ik stopte even, draaide me naar hem toe en reageerde met een: "Harrrr!"

De zwabber schoot weg, dieper zijn tuin in. "Kaii!" Schijnbaar was mijn hondengrommetje overtuigend genoeg geweest om deze held weg te jagen.

Honden, altijd lol...