Home

De ukkie verhalen
aantekeningen over de kinderen

De vakantieverhalen
Avonturen op vakantie

Priet en andere praat

Foto's

Contact

Naar de wereld der dromen

2014

2013

2012

2011

2010

2009

2008

2007

2006

2005

2003-2004

Kindergedichtjes

Zon en Maan

Zondag 24-08: Paniek in de tent

Het lijkt wel alsof het alleen maar dramatische verhalen zijn, de stukjes van de laatste tijd: eerst Poes weg en Rachel in tranen, en nu dit. Esther was weg. Althans, dat dacht ik.

Ik was even boven, de was aan het sorteren, mezelf wassen en even rust zoeken vanwege twee drukke kinderen. Harald kwam naar boven: hij had nog een paar kleine boodschappen nodig en wilde dus even naar de supermarkt.

"Kun je even wachten totdat ik me gewassen heb?" vroeg ik.

"Nou, de kinderen redden zich wel, hoor," was zijn antwoord.

Nou goed, okee dan. Ik ging verder met waar ik mee bezig was – todat ik, even later, Rachel buiten hoorde gillen. Ik stuiterde het balkon op, zag Rachel op de stoep op het loopfietsje (de zijwielen van haar fiets zijn eraf gehaald en ze is nu op Esther's loopfiets aan het oefenen met in balans blijven) naar Harald toe rijden, gillend: "Papaaaaa! Esther is weg!" En inderdaad, van waar ik stond was Esther niet te zien.

"Kom maar mee," hoorde ik Harald roepen, "Maar breng maar wel het loopfietsje terug."

Rachel draaide zich om en ging terug richting de voortuin. Nog steeds geen Esther te zien, en ook niet te horen, trouwens.

Ik rende terug, heb mezelf supersnel gewassen en aangekleed. En toen naar buiten. Achtertuin: geen Esther. Voortuin, stoep, straat: geen Esther. Een buurman was met zijn zoontje aan het tennissen op de straat en die vertelde me dat hij wel Harald gezien had, met maar een kindje erbij: de oudste. Dat klopte perfect met wat ik had gezien. Maar waar was Esther?
Ik dook het steegje tussen de huizen weer in en ging naar het kleine speeltuintje achter, waar Rachel en Jeremy vaak spelen. Geen Esther. Jeremy's straat: geen Esther. Nee, ze zal toch niet de Parkwijklaan op zijn gegaan?

Ik liep een stuk de Parkwijklaan op, hoorde een kindje huilen. "Esther! Esther?" Maar nee, het waren twee andere kinderen die in de tuin aan het spelen waren, waarvan er een ongeveer net zo groot als Esther was.

Weer terug naar huis, ondertussen nog steeds Esther roepend. Geen reactie, helemaal niets. Thuis de telefoon gepakt, Harald's mobieltje opgebeld. "Tuut... tuut.. Dit is de voicemail van.. Harald Drillenburg..." Bugger, bugger, bugger!!
Ik greep mijn sleutels, deed de achterdeur op slot, rende de voordeur uit.

"Is ze er nog niet, die kleine?" vroeg de buurman terwijl ik langs stormde.

"Nee!" En ik rende de busbaan over, de Parkwijklaan door en naar de supermarkt, ondertussen nog steeds af en toe Esther roepend.
En daar, in de straat, zag ik Harald en Rachel.. en zag ik daar niet een klein roze jasje? Ik rende erheen en ja, daar was Esther, met de blokkenkar. Ik vloog naar ze toe, dook om Harald's hals heen – Harald was verbaasd, glimlachte eerst van 'hee, daar is mama ook', leek toen te merken dat er iets aan de hand was.

"Had Rachel dan niet verteld dat ze mee waren?"

"Nee!" en snikkend vertelde ik hem het hele verhaal. Dat ik alleen Rachel had horen roepen dat Esther weg was, dat ik Harald had horen zeggen dat ze mee kon komen. Harald vertelde dat hij al bijna de straat uit was toen hij Esther achter zich aan zag komen met de blokkenkar, en dat hij toen zei dat ze mee kon komen. Hij had aan Rachel gevraagd of die tegen mij wou zeggen dat ze allebei mee waren, en Rachel had hem later verteld dat ze dat gedaan had. "Echt?" "Jaah." Nee dus.

Opluchting alom. Esther was helemaal niet weg, gewoon met papa en grote zus mee, dus.

Maar het heeft wel even geduurd voordat ik over de schrik heen was.